17-04-05

Mijn land

Mijn land

O, Vlaanderen de vlaamse gauw, zo teder

zo trouw, als een minnende moeder.

Die haar kroost voedt, met de nektar

van goudgele korenhalmen wiegend in de zon.

 

En wanneer de trommels roffelen,

de bazuinen schallen, dan is het feest.

Gelach en vertier, wij vlamingen ,

maken graag grote sier.

 

Doch, wanneer de stormen huilen,

de golven torenhoog ,het schuim op

de toppen hoog, de kleine schuit

doet kraken onder al dat natuur geweld.

 

Dan vecht de vlaming terug met

fiere rake slagen, het hoofd geheven.

In de felle schrale noorderwind, en

wanneer er stil een epos wordt geschreven.

 

De boeg gebroken, wrakhout rond

zwalpt in de donkere kille nacht.

noch hoort en ziet, Godverlaten

de klokken luiden ,droef en zacht.

 

Met zilte warme tranen,

in mijn ogen, licht gebogen,

Vaarwel, mijn kroost, mijn mooie lieve Nele,

De zware taak is nu volbracht.

Benjamin Artés

01/08/88



17:21 Gepost door Benjamin Art | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.